"Deborahs Sweet" - Poedels en Engelse Cocker Spaniel
Jachttraining... hoe gaat dat dan?
 
Wees gerust.... aan de jachttraining hoeft geen echt wild te pas te komen, hoewel het uiteindelijke doel natuurlijk wel is dat een hond ook daadwerkelijk in staat zou moeten zijn aan  een echte jacht deel te kunnen nemen.
 
In ieder geval trainen wij voornamelijk met zogenaamde dummy's. Die zien er uit als een soort dikke worst, zijn meestal gemaakt van canvas, wegen voor een hond van gemiddeld tot groot formaat 500 gram, zijn voorzien van een touwtje met een handgreepje, waarmee
 
 
Canvas dummy
 
 
 
je hem goed kunt werpen en zijn verkrijgbaar in een aantal kleuren. Niet dat het de hond wat kan schelen of de dummy groen of oranje is, sterker nog, daar ziet hij niet eens verschil tussen, maar het is wel zo handig voor de baas (vanaf nu "voorjager" genoemd, omdat hij de hond traint voor de jacht) omdat een oranje nu eenmaal beter te zien is in het groene gras dan bijvoorbeeld een groene. Wel zijn er zwart-witte dummy's, voor de beginnende hond, want deze zijn voor een hond beter te zien en het is natuurlijk wel fijn voor het zelfvertrouwen van de hond om de lat in het begin niet al te hoog te leggen. Op den duur kun je het allemaal wat "echter" maken door de dummy te bekleden met een geprepareerd konijnenvelletje of fazantenvleugels e.d.
 
 
 
 
Dummy met konijnenvelletje
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Het voornaamste tijdens de jachttraining is natuurlijk het trainen van verschillende apporten. Je hebt het zogenaamde "markeerapport", waarbij hond en voorjager het apport hebben zien vallen, het "dirigeerapport", waarbij de voorjager wel weet waar het apport ligt, maar de hond niet. Bij dit dirigeerapport dirigeert de voorjager de hond naar het apport toe, door middel van gebaren en een fluitsignaal wanneer de hond even moet stoppen om daarna weer verder gestuurd te worden. Tot slot is er nog het "verloren" apport, waarbij noch voorjager, noch hond weten waar het apport precies ligt. En daar komt die enorme poedelneus dan weer goed van pas!
 
"Volgens mij ruik ik hier wat!"
 
 
De diverse apporten worden in allerlei natuurgetrouwe situaties, terreinen, met hindernissen, uit water, over water, etc, etc geoefend en de lat komt gaandeweg steeds hoger te liggen. Ook krijgt de hond op den duur meerdere apporten achter elkaar te verwerken, die hij moet zien te onthouden.
 
Minstens zo belangrijk is echter het trainen van het appèl van de honden. Vanzelfsprekend moet de hond de voorjager niet hinderen in het veld. Hij moet netjes volgen, zitten, afliggen, staan, etc op commando en een aantal minuten op de plek kunnen blijven liggen, ook al is de voorjager uit het zicht. Hij moet wild met rust laten, mag geen overlast veroorzaken in het veld, kortom, moet zich voorbeeldig gedragen. Daarbij moet hij leren op het ene fluitsignaal te komen, op een ander fluitsignaal te gaan zitten, liggen, of stil blijven staan en hij moet op commando "vooruit" gaan, en op armgebaren naar links of rechts leren te gaan.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
"Ik blijf netjes af liggen, maar hou de boel wel goed in de gaten!"
 
Het is heerlijk om zo met je hond bezig te zijn en de hond te zien genieten van "zijn werk", wat hij met zo ontzettend veel passie verricht! Ik zou het iedere Poedeleigenaar willen aanraden, u zou uw hond er een groot plezier mee doen!
 
Helaas is ook de Grote Poedel tegenwoordig ingedeeld in FCI rasgroep 9, de gezelschapshonden, waardoor het jammer genoeg onmogelijk is geworden met een Poedel deel te nemen aan de officiële KNJV examens, proeven, etc. Vandaar mijn uitspraak:
 
Je kunt de Poedel wel uit de jacht halen, maar de jacht nooit uit de Poedel!
Website
mogelijk gemaakt
door Vistaprint